Knolselderijgratin met roquefort | voor 4 personen
400 g knolselderij (geschild)
100 g roquefort
600 ml slagroom
8 takjes tijm
3 tenen knoflook (fijngesneden)
peper en zout
150 g harde geitenkaas (geraspt)
boter
75 g walnoten (grof gehakt)
100 g roquefort
600 ml slagroom
8 takjes tijm
3 tenen knoflook (fijngesneden)
peper en zout
150 g harde geitenkaas (geraspt)
boter
75 g walnoten (grof gehakt)
Wat ga je doen?
- Verwarm de oven voor op 200 °C (elektrisch) en vet een ovenschaal van 30 x 20 cm in met boter.
- Doe de room samen met de knoflook en de blaadjes van 4 takjes tijm in een steelpannetje en breng dit rustig aan de kook. Haal van het vuur en laat 15 minuten trekken. Breng op smaak met zout en peper.
- Halveer de knolselderij en snijd de helften nogmaals door. Snijd vervolgens in zeer dunne plakken (4–5 mm), bij voorkeur met een mandoline.
- Leg een eerste laag knolselderijplakken in de schaal en bestrooi met zout en peper. Schenk er wat room over en verdeel er geraspte geitenkaas en verkruimelde roquefort over. Herhaal dit proces tot je 6–8 lagen hebt opgebouwd. Eindig met een laag room en kaas.
- Dek de schaal af met aluminiumfolie en bak de knolselderijgratin 35 minuten in de oven. Verwijder daarna de folie en bak nog 20 minuten verder. Bestrooi tot slot met verse tijm en walnoten.




